Wat wil je eigenlijk weten?

Ik blader de krant door, op zoek naar waar mijn oog op valt. Iets wat mijn interesse wekt. En ondertussen knaagt er ergens iets. Want ik vind dat ik eigenlijk alles zou moeten lezen, en met aandacht en begrip. Ik zou op de hoogte moeten zijn van de toestand in het Midden-Oosten, in de VS, in de conflictgebieden in Afrika, het monetaire beleid van …blablabla. Eerlijk gezegd is het me allemaal teveel. Teveel om bij te houden en te moeilijk om te doen of het me echt interesseert.

Natuurlijk is het allemaal echt wel belangrijk. Maar is het ook belangrijk dat IK er van alles van weet? Dat ik mezelf moet dwingen om me erin te verdiepen? Lijkt me niet.

Ik moet van alles van mezelf. Ik moet op de hoogte zijn, politiek bewust, milieubewust, sportief, sociaal. Ik moet zoveel dat ik me het liefst terugtrek en onder de dekens ga liggen: ik ben er niet.

Als je iets weet van psychologische modellen zou je kunnen zeggen dat het moeten van mij mijn Introject is, of de Kritische Ouder of het Superego. Lees verder Wat wil je eigenlijk weten?

Hou van jezelf, het ontmaskeren van mijn zelfhaat

Hou van jezelf, dat is een bekend advies. En oppervlakkig dacht ik dan: natuurlijk hou ik van mezelf.

Ik kan het heel goed met mezelf vinden: ik ben graag alleen, verzorg mezelf goed en luister steeds beter naar wat ik nodig heb.

Maar ik kwam er onlangs achter dat ik er ook een vorm van zelfhaat op na hou.

Nu is ‘zelfhaat’ een groot woord. En het klopt ook niet helemaal: ik haat mezelf niet. Nu ik er bij stil sta, realiseer ik me dat het eigenlijk meer te maken heeft met schaamte. Ik irriteer me aan bepaalde dingen van mezelf omdat ik zo niet wil zijn. Maar ik ben wel zo. Ik schaam me daar voor en dat uit zich in irritatie.

 

Bijvoorbeeld:

Als ik hoor of lees over vrouwen van middelbare leeftijd die coach zijn, dan voel ik irritatie. Ik heb het gevoel dat zo’n beetje iedere vrouw tussen de 35 en 55 jaar coach is tegenwoordig. Hoe afgezaagd. Ik wil dan geen coach (meer) zijn. Want ik wil niet zijn zoals ‘iedereen’. Ik wil anders zijn, uniek, en bijzonder. (Tussen twee haakjes: over dat persé anders willen zijn, gaan we het ook nog hebben.)

Als ik zo denk dan kijk ik naar mezelf van buitenaf en heb daar een oordeel over.

Kijk ik van binnenuit, vanuit mezelf, dan ziet het er anders uit. De ervaring leert me dat ik het heel leuk om iemand te coachen. Ik geniet ervan en mijn clienten voelen zich geholpen. Bovendien doe ik het als werk.

Ik ben dus een coach. Punt. Net zoals zovelen.

Wen er maar aan, zeg ik tegen mezelf.

 

Een ander voorbeeld:

Als ik hoor of lees over vrouwen die leven van het geld dat hun man verdient en zelf parttime een ‘leuke werkzaamheid’ erbij doen, dan vind ik dat stom. “Zorg voor jezelf”, denk ik dan. “Wees financieel zelfstandig”. Ik wil daar niet bij horen, bij dat gefröbel, dat gehobby en dat verwende idee van ‘ik wil alleen maar iets doen als ik dat heel leuk vind’. (Over oordelen gesproken.)

Maar ik doe dus precies hetzelfde! Ik leef voornamelijk van het inkomen van mijn partner.

Ik ben globaal bekeken in mijn leven of uitgeput (CVS) of aan het studeren en de weinige perioden in mijn leven dat ik betaald werk deed was dat parttime. De laatste jaren heb ik nog het meeste uren gewerkt. En ook verdiend, maar ook dat was niet echt veel. Alhoewel.. ik vond het inkomen niet veel ten opzichte van de uren die ik maakte, de intensiteit van het werk en de verantwoordelijkheid. Maar ik hield het werk niet vol: ik kreeg longontsteking die uitmondde in chronische vermoeidheid.

En daar lag ik weer op de bank mezelf te bestuderen: wat heb ik, wat doe ik verkeerd? Hoe word ik weer energiek en hoe kan ik zo werken dat ik niet instort?

Nu ik weer energie heb, doe ik rustig aan omdat ik niet weer wil instorten.

Bah, juist dat soort vrouw waar ik zo’n weerstand tegen heb, de verwende, gevoelige, kwetsbare vrouw die op zoek is naar zichzelf, dat ben ik zelf nu.

 

Dat is dus wat ik mijn zelfhaat noem.

Ik ben zo’n vrouw. Leef er maar mee, zeg ik tegen mezelf. Deal with it.

Ik ben gevoelig voor ‘instorten’ en ik heb de luxe dat ik samenleef met een partner die genoeg verdient voor ons tweeën.

Ik heb de luxe dat ik op zoek kan gaan naar wie ik ben en hoe ik zo kan leven en werken dat ik niet instort.

Ik ben iemand die goed kan coachen en dat graag doet. Accepteer dat maar. Sterker nog: leer van die kanten van jezelf te houden.

Hou van gevoelige vrouwen die op zelfonderzoek zijn en coachen en die financieel afhankelijk zijn. Oei! Dat is wel veel gevraagd. Lees verder Hou van jezelf, het ontmaskeren van mijn zelfhaat

Voornemens

Vanaf nu ga ik geen dingen meer halfslachtig doen, bedacht ik me vandaag. Ik dacht na over Facebook. Vanaf het begin heb ik moeite met het programma. Aversie. Ik heb een profiel maar post bijna niks omdat ik daar geen prettig gevoel bij heb. Ik hou niet van de advertenties die langskomen. Ik begrijp het programma ook niet goed. Ik heb al eens mijn account geinactiveerd, maar meldde me later weer aan omdat er groepen op Facebook zijn waar ik bij wil horen. Kortom: halfslachtigheid. En dan heb ik het nog niet eens over de gegevens die Facebook over mij verzamelt en gebruikt. En toen bedacht ik: vanaf nu geen halfslachtigheid meer. Als ik iets doe, dan doe ik het goed.

Niet toegeven aan FOMO (Fear Of Missing Out).

Maar ik denk de laatste tijd ook vaak: ik doe niet meer aan zelfverbetering. Al die voornemens. Er is elke keer wel iets dat ik aan mezelf wil veranderen, verbeteren. Hou toch eens op. Ik ben goed zoals ik ben. HA! Daar ga ik het mee doen (weer een voornemen ;-)).

Aan de andere kant kan het richting geven om mezelf iets voor te nemen. Zodat ik beter kan kiezen en kan selecteren waar ik aandacht aan wil geven in mijn leven.

Misschien helpt het om een onderscheid te maken in voornemens die te maken hebben met eigenschappen van mijzelf (zoals: ik ga geduldiger worden, of: ik moet met minder slaap toekunnen) en voornemens die te maken hebben met gedrag, zoals: ik ga meer aandacht besteden aan mijn vrienden; ik ga mezelf accepteren zoals ik ben, en: ik ga geen dingen halfslachtig doen- helemaal of niet.

Dat lijkt me inderdaad wel helpend. Kijken hoe lang ik het volhou en hoe het me helpt bij het maken van keuzes.

Dan zijn dit mijn voornemens voor komend jaar:

·      ik zal meer van mezelf uit gaan- dus rekening houden met hoe ik functioneer en hoe ik het beste gedij. En in plaats van van anderen uit te gaan, me afvragen waar ik zin in heb en wat mij het beste uitkomt. (Ik vertrouw erop dat ik voorlopig niet egoistisch zal worden ;-))

·      ik ga mijn aandacht meer richten: uit al die leuke dingend ie op mij afkomen, ga ik nog bewuster selecteren waar ik aandacht aan wil besteden, en de rest laten. Wellicht komt er voor de andere ‘leuke en interessante dingen’ een ander moment in mijn leven om aandacht aan te besteden.

 

Eigen behoeften eerst, asociaal of juist niet?

Ik ben laatst door een lastige en leerzame periode gegaan, namelijk het (gaan) stoppen met een werkklus. Ik schreef er al eerder over.

Waar ik het nu over wil hebben, is wat ik hierdoor leerde over mezelf. Toen ik wist dat ik moest stoppen om mezelf gezond te houden, kreeg ik onmiddellijk een gespannen gevoel in mijn buik. Ik was meteen bezig met de mogelijke reactie van mijn opdrachtgevers. Ik wist dat ze het jammer vonden dat ik zou stoppen. Dagen (en helaas ook nachten-) lang voerde ik denkbeeldige dialogen waarin ik hun reacties en mijn overwegingen uiteen zette.

Ik merkte ook dat ik de situatie probeerde te bekijken vanuit hun standpunt, vanaf de eerste kennismaking tot nu:

Wat was vanaf het begin hun idee van de duurzaamheid van onze werkrelatie?

Waar hadden ze mij de verantwoordelijkheid voor willen geven en hoe had ik op hun suggesties gereageerd?

Hoe viel kortom bij hen mijn besluit?

Door me steeds in hun (denkbeeldige) standpunt te verdiepen, raakte ik het contact met mijn eigen overwegingen kwijt. Dan moest ik opnieuw naar mezelf terug om te voelen wat ik voelde. En naar de afspraken die we concreet hadden gemaakt.

Uit deze situatie leerde ik een aantal dingen over hoe ik in elkaar zit: Lees verder Eigen behoeften eerst, asociaal of juist niet?

Een sympathiek ras

We staan inmiddels op de wachtlijst voor een puppy, dus onze keuze is gemaakt. Maar een tijdje geleden heb ik me verdiept in de verschillende hondenrassen. Ik keek op internet en haalde wat hondenencyclopedieen bij de bieb. Het blijkt dat er verschillende soorten honden zijn: zoals jachthonden, herdershonden, waakhonden en gezelschapshonden. En binnen die soorten zijn er diverse rassen. En elk soort hond en elk ras heeft zo zijn eigen karakteristieken. Sommige soorten zijn rustig, andere actief. Sommige zijn langharig, andere glad. Etc.etc. Ik vertel hier niks nieuws.

Door de verschillende eigenschappen hebben de rassen verschillende behoeften, en daar moet je als (toekomstig) hondenbaas rekening mee houden.

Dat bracht me op een idee. Wat is het mooi dat je van tevoren op deze manier kunt inschatten of je hond veel buiten moet zijn, houdt van gezelschap, regelmatig moet eten en wekelijks geborsteld moet worden. Dan weet je dat. Die hond gedijt als je daar rekening mee houdt.

En nu mijn idee. Ook ieder mens is verschillend. De een moet veel buiten zijn, knapt op in de natuur. De ander kan prima zonder. De een vindt indrukken snel teveel en te vermoeiend, de ander zoekt de sensaties juist op om zich lekker te voelen. De een heeft weinig eten nodig, komt snel aan; de ander moet regelmatig kleine porties eten en dan het liefst verse groentes en noten, etc.

Als ik zo over mezelf denk, namelijk dat bepaalde eigenschappen en dus behoeftes horen bij hoe ik in elkaar zit, dan vind ik het makkelijker om deze te accepteren en goed voor mezelf te zorgen.

We zijn niet allemaal hetzelfde, voldoen niet aan de norm van de gemiddelde mens. Te vaak heb ik mezelf in een keurslijf gedwongen omdat ‘iedereen’ dat hoort te kunnen, dus ik ook. (“Stel je niet aan!”)

Een voorbeeld is de tijd waarop ik opsta. Lees verder Een sympathiek ras

Ik kom uit de kast

Hoe te leven? Dat is echt een vraag voor mij. Ik wil voorkómen dat ik mezelf uitput, op mijn tenen loop, moe ben en gespannen. Zoals dat heel vaak het geval was in mijn leven. Ik wil ontspannen blijven en vrolijk en energie hebben voor contact met de mensen van wie ik hou.

En daarnaast wil ik heel graag óók werken, op een manier die mij voldoening en waardering geeft en inkomsten. Ik wil mijn talenten gebruiken en tegelijk mijn grenzen bewaken. Ik wil denken en voelen en zijn. Daar een balans in vinden en dan niet meer hoeven te zoeken. Dan heb ik het gevonden. Wat zou dat heerlijk zijn.

Ik heb al lang geleden wat gelezen over hoogsensitiviteit en mensen zeiden ook weleens tegen me: jij bent zeker hooggevoelig?

“Ja, ik denk het wel” zei ik dan. En veegde het weer onder het kleed, realiseer ik me nu. Ik trok er geen conclusies uit. Het bleef bij een vaststelling. Want ik dacht dan: Ja, ik krijg veel indrukken binnen en die zijn vermoeiend voor me. En ja, ik heb een gevoelige neus (ruik scherp), en ja, ik heb last van etiketjes in mijn kleding. En snel last van tocht, van geluid, nou ja, van indrukken dus. Ook leef ik me automatisch in in anderen, en heb ik veel slaap nodig. That’s it. That’s me.

Wat ook vaak tegen mij is gezegd, bijvoorbeeld door therapeuten: “jij staat heel open.” Oké, en dus? Ik had het gevoel dat ik me dus moest beschermen, mezelf dichter maken ofzoiets. Het voelde kwetsbaar, en niet ideaal.

Alhoewel ik ergens wel weet dat het ook een kwaliteit is. Het opvangen van signalen en energie, en het me inleven in iemand, komt me heel goed van pas als ik werk als therapeut en coach. Maar wat er dan ook gebeurt, is dat ik het contact met mijn eigen behoeften en wensen verlies. Of er geen aandacht aan besteed (want het gaat bij coachen immers om die ander). Hierdoor put het me op den duur uit en voel ik mezelf niet gezien.

Van de week realiseerde ik me ineens: ik ben waarschijnlijk hoogsensitief! Lees verder Ik kom uit de kast