Tussen verwennen en verwaarlozen

Wat is jouw opvoedstijl? Wat voor soort ouder ben jij? Heb je daar een idee van? En klopt dat met hoe je het zou willen doen? Of weet je dat eigenlijk niet zo goed en vraag je je juist af hoe het ‘het beste’ zou zijn?
Geef je vaak toe aan wat je kinderen willen? Of zie je jezelf als streng en consequent? Ben je bang om je kind teveel te verwennen of huiver jij juist als je alleen al denkt aan het woord verwaarlozing?

En hoe denkt je (opvoed-) partner erover? Zijn jullie het eens?

Veel ouders worstelen met vragen hierover en de bijbehorende emoties. Gevoelens van schaamte (ben ik de enige die hier wanhopig van wordt?);
van schuld (nu ben ik toch weer uit mijn slof geschoten, wat erg!);
onzekerheid (hoe doen anderen dit eigenlijk?).
Opvoeden gaat gepaard met emoties en met (onbewuste) verwachtingen. Daardoor is het beladen en lastig.
En ieder kind is anders dus standaardrecepten werken niet altijd. En soms lijkt iedereen het beter te weten dan jij, hoe irritant is dat.

Wat kan helpen, zijn de volgende uitgangspunten:

  • perfect ouderschap bestaat niet. Goed Genoeg ouderschap wel. Laat je lat zakken. Ontspan.
  • ouders zijn ook mensen. Hoe jij bent, met al je kwaliteiten en onmogelijkheden PLUS hoe jij daarmee omgaat, dat geeft je kind een voorbeeld.
  • er is verschil tussen behoeften en wensen van je kind.
    • Behoeften zijn die dingen die noodzakelijk zijn voor je kind, zoals slaap, voeding, kleding, aandacht, liefde, onderwijs, spelen. Zorg voor voldoende hiervan (niet teveel of te weinig) van een goede kwaliteit. Dit is geen verwennen- dit is goed verzorgen. Geef je hier te weinig van, dan spreken we van verwaarlozing.
    • Wensen zijn extra’s, zoals snoepen, tv, computerspelletjes, of meer dan voldoende van bovenstaande behoeften zoals speelgoed, aandacht. Hier kun je je kind in verwennen. Geef hierbij grenzen aan en bewaak ze. Vind je dat lastig, leer het. (Tip: lees how2talk2kids deel 1, of kom naar een opvoedworkshop van mij of maak een afspraak met me).
  • Regels en gewoontes bieden houvast. Houvast geeft je kind veiligheid. Dat is heel belangrijk.
  • Goede ouders zijn niet altijd lief en aardig, soms zijn ze streng en duidelijk. Dat hoort bij ouderschap. Zorg dus dat je er tegen kunt als je kind soms boos op je is.
  • Het mooiste cadeau dat je je kind kunt geven is dat hij/zij zich gezien en gewaardeerd voelt, gewoon zoals hij/zij is. Dit gaat prima samen met regels stellen en bewaken. Doe dat dus (je kind zien en waarderen). Als je niet weet hoe: leer hoe je dat kunt doen. (tip: lees Actief Luisteren van dr. Thomas Gordon, of kom naar een opvoedworkshop van mij of maak een afspraak met me).
  • liefde, humor en flexibiliteit zijn heerlijk voor kinderen, net als duidelijkheid en houvast. Dat kun jij bieden! Tuurlijk kun je dat.

Stap uit de dramadriehoek

Ik was een kei in me schuldig voelen. Steeds was ik bang om tekort te schieten. Daarom zorgde ik ervoor dat er niets op me aan te merken was. Je zou me een perfectionist kunnen noemen. Een andere term voor perfectionist binnen het enneagram (waar de perfectionist een bepaald type is) is de hervormer. Die spreekt me meer aan, want perfect was het nooit. Hervormen? Ja, dat kan altijd wel! Er kan altijd iets beter. Mijn leven was een ‘to do list’. 😉

En zo deed ik mijn best om een goede moeder te zijn, een leuke echtgenote, een goede student, een vakbekwame professional met alleen maar blije en tevreden cliënten. Dat is een hele klus, kan ik je zeggen, en het is bovendien een gebed zonder end. Want er is altijd wel iets dat beter kan, sneller, mooier, verantwoorder. En natuurlijk kan ik het niet iedereen naar de zin maken.

Terugkijkend zie ik het patroon dat ik deed: vaak was ik in gedachten aan het scannen of er iets was in mijn leven dat ‘beter’ kon. In mijn geweldige leven waarin er van alles goed was, waar ik ook echt wel dankbaarheid voor voelde en ik me gelukkig prees, zocht ik naar dat kleine dingetje waar ik mijn tanden in kon zetten. Een projectje ofzo….. hoe zou het huis, de woonkamer, de tuin nog leuker, handiger, fijner kunnen? Of mijn kleding? Daar is nog wel wat aan te vullen/ fine te tunen. Of mijn werk, kan daar niet iets nieuws, beters komen?

Je begrijpt dat ik ook erg slecht tegen kritiek kon. Die probeerde ik namelijk te vermijden door zo mijn best te doen.

Tegelijk was ik zeer veeleisend, niet alleen naar mezelf, maar ook naar mijn partner. Hoezo op de bank zitten met de krant? Er moest nog van alles gebeuren voordat er geluierd kan worden! Ik maakte daar opmerkingen over, die tot doel hadden het gevoel van tekort schieten bij hem op te wekken. (Heel genant, ja. En gelukkig is mijn partner daar immuun voor. Maar fijn was het niet.)
Ik realiseerde me dat het me zo ergerde omdat ik zelf die behoefte had: ik zou ook wel willen luieren!!!

“Waarom doe ik dat dan niet?” dacht ik op een goede dag. Zo begon de verandering. Steeds als ik me ergerde, vroeg ik me af: wat zou ik zelf eigenlijk het allerliefste doen nu? En daarna: is er een dringende reden waarom dat niet kan?

Zo ben ik ook gestopt met de dramadriehoek. De dramadriehoek is die van rollen die elkaar in stand houden en vaak snel afwisselen:

de aanklager en het slachtoffer: de aanklager verwijt, het slachtoffer voelt zich schuldig

het slachtoffer en de helper/redder: het slachtoffer klaagt, de redder gaat het in orde maken.

dramadriehoekDe dramadriehoek kun je zien als een soort dans: zet de een die stap, dan zet de ander (vaak onbewust) de andere stap. Je houdt elkaar zo in een patroon. De dramadriehoek is geen fijn patroon, omdat de verantwoordelijkheid naar elkaar toe wordt geschoven (de aanklager en het slachtoffer) of (ongevraagd) wordt overgenomen (de redder).

Het is vaak makkelijker dit patroon bij andere mensen te zien dan bij jezelf. Kun je dit patroon herkennen in het gezin waar jij opgegroeid bent?

Je kunt dit met wat oefening ook herkennen in je gezin en bij jezelf. Je kunt iemand die je vertrouwt vragen je te helpen je eigen gedrag te gaan herkennen.
Helpende vragen zijn: waar leg jij de verantwoordelijkheid voor een situatie neer? En wie is er verantwoordelijk voor hoe jij je voelt?

gezonde-driehoekAls je je eigen gedrag kunt veranderen in een ‘gezondere’ oftewel ‘volwassen’ bijdrage aan het geheel, beïnvloed je meteen het gedrag van de anderen.Door je eigen gedrag te veranderen, neem je de verantwoordelijkheid voor jezelf, en geef je de ander ruimte.

Voor de ouders onder ons:
Als volwassene in een gezin heb jij de taak veranderingen in gang te zetten. Je kunt niet van kinderen (zelfs als ze puber zijn) verwachten dat zij ‘uit dit patroon’ stappen. Dat kun jij wel. En zij zullen daar dan op een gezondere manier op reageren.

Een mooie manier voor jezelf en je kinderen om je aandacht te sturen naar positieve zaken, is ’s avonds voor het slapen gaan de dingen van de dag te noemen (of op te schrijven) die leuk waren. Je vraagt je kind: Wat vond je het leukste vandaag?

Voor mij, als hervormer ;-), is de kunst om mijn eigen behoeften serieus te nemen en daar verantwoordelijkheid voor te nemen. Ik zorg voor mijn eigen geluk. Althans: dat lukt me een groot deel van de tijd.
En ik kan het je aanraden: heerlijk luieren als ik daar zin in heb, zonder schuldgevoel, en met plezier werken en zorgen. Niet omdat ik dat ‘moet’, maar omdat ik er voor kies en daar dus verantwoordelijkheid voor neem.

“En nou ben ik het ZAT!”

huisregelsJe komt ’s middags thuis en treft in de huiskamer je kind met wat vrienden. En niet alleen tref je de luie lijven aan, maar je oog valt ook direct op jassen, tassen, sjaals, schoenen. Her en der verspreid over de vloer. Wat doe je?

 

Je peuter heeft net ontdekt hoe leuk het is om steeds uit bed te klimmen en Kiekeboe te roepen om het hoekje van de kamerdeur. Wat doe je?

Lees verder “En nou ben ik het ZAT!”

Waarom kinderen ook ‘Nee!’ moeten horen

waarom kinderen ook _NEE!_ moeten horenHet klinkt misschien gek, maar NEE horen, grenzen krijgen, is belangrijk voor je kinderen. Zo leren ze omgaan met het feit dat:

  • je niet altijd alles krijgt
  • je niet altijd alles mag
  • je je behoeften soms moet uitstellen
  • andere mensen en kinderen soms botsende wensen hebben
  • je het ‘overleeft’ als je NEE hoort.

 

Het leren omgaan met NEE is voor het ene kind makkelijker dan voor het andere. Jantje haalt misschien zijn schouders op en gaat verder met spelen, terwijl Juliette boos wordt, dan verdrietig, vervolgens haar uiterste best doet haar ouders te overreden, voordat ze het (als haar ouders inmiddels niet hebben toegegeven!) los kan laten.

Jantje zal er waarschijnlijk minder last van hebben als dingen niet helemaal gaan zoals hij wil. Terwijl Juliette daar flink door van slag is.

Door grenzen aan te geven aan je kind, leert hij/zij met deze frustratie om te gaan. En dat is een belangrijke vaardigheid. Later zal ook niet alles gaan zoals we het het liefste willen. De mate waarop wij met tegenslag en frustratie kunnen ‘dealen’ , kan een voorwaarde zijn voor geluk.

Dus ouders, voel je niet schuldig als je kind iets niet mag. En houdt voet bij stuk. Je levert een bijdrage aan zijn/haar toekomstig geluk.

 

Kun je wat ondersteuning daarin gebruiken? Ik geef een workshop over grenzen stellen op vrijdag 29 januari in Haarlem. Kijk hier voor meer informatie.

Wat zijn eigenlijk je huisregels?

niet luisterenOuders klagen weleens dat hun kind niet naar ze luistert. Haha, jazeker, dat komt voor. Heel vaak zelfs.

Ik vind niet dat kinderen slaafs en volgzaam moeten zijn. Als dat zo zou zijn, zou ik me zorgen maken. Een beetje tegen sputteren en een eigen wil hebben, dat hoort erbij. In de ene fase (denk aan peutertijd, pubertijd) is dat meer dan in een andere fase.

Maar als je elke dag te maken hebt met een kind waar alles wat jij zegt het ene oor in en het andere uit gaat, en dan ga ik ervan uit dat beide oren prima werken, dan gaat het niet goed. Je wordt er als ouder gek van. Je geduld raakt op, je wordt geïrriteerd, boos, ongeduldig. Logisch. Voor een kind is dat ook niet prettig. Het doet jullie relatie geen goed.

 

Er zijn veel redenen waarom een kind niet luistert en veel manieren om dat te verbeteren.

Eén van die manieren is het maken van huisregels. Het is niet zo dat als je deze hebt gemaakt, dat dan alles is opgelost. Maar het is wel heel belangrijk om huisregels te hebben. Het is een BASIS. Het geeft jouw grenzen aan. Als deze duidelijk zijn, geeft dat rust en houvast. Kinderen weten dan waar ze aan toe zijn. En jij weet ook wat je wel accepteert en wat je niet goed vindt.

 

Huisregels zijn richtlijnen voor gedrag in jullie huis en jullie gezin. Ze kunnen gaan over basiszaken als:

omgaan met elkaar

eten

slapen

ruzies oplossen

taken in huis

Je bepaalt ze zelf. Zoals ze bij jullie situatie en persoonlijkheden passen, je mag het helmaal zelf weten.

Door het maken van huisregels, neem je de tijd om dat voor jouw gezin te bedenken. Doe dat samen met je partner en als ze oud genoeg zijn, kun je ook je kinderen erbij betrekken.

 

Hoe maak je je huisregels?

  1. bepaal een algemeen doel. Bijvoorbeeld: wij willen dat het gezellig is in huis. Of: Wij willen dat iedereen het naar zijn/haar zin heeft bij ons thuis. Om dat doel te bereiken, hebben we deze huisregels.
  2. Formuleer vooral wat je WEL wilt.
  3. Stel ze zoveel mogelijk zo op dat ze voor iedereen gelden.

bijv. We zijn vriendelijk tegen elkaar.

Ieder doet zijn of haar taken.

Ieder ruimt na het spelen of werken zelf zijn/haar spullen op.

4. Bespreek ze, zodat iedereen ze snapt en erachter staat. Pas ze eventueel nog aan, gebruik woorden die de kinderen beter vinden passen.

5. Schrijf ze op of print ze uit en hang ze op een centrale plaats op.

Huisregels geven duidelijkheid en daardoor rust en houvast. Dat is heel prettig voor kinderen, en ook voor ouders.

 

Als je meer wil weten over hoe je ervoor kunt zorgen dat je kind beter luistert, hoe je precies huisregels opstelt én ze vervolgens handhaaft, kom dan naar mijn workshop ‘grenzen stellen’ op vrijdag 29 januari. Lees hier over de workshop.

Zo slapen jij en je kind goed in

lekker slapen

Slapen is zo belangrijk! Als je uitgerust bent, ben je vrolijker en heb je meer geduld. En dat is nodig als je kinderen opvoedt. Ook voor je kind is een goede nachtrust essentieel. Dat hoef ik je niet te vertellen. Maar hoe slaap je goed in?

Ik slaap van nature niet makkelijk in. Vanaf dat ik klein ben, duurt het inslapen lang, soms wel een uur of meer. Als er in dat eerste uur iets is dat mij uit de slaap houdt, dan lig ik uren wakker. Dat kan een plotseling geluid zijn maar vaker is het iets in mijn eigen gedachten. Vooral als ik de volgende dag een spannende afspraak heb of als ik enthousiast ben over iets dat ik ga doen, houdt me dat uit een diepe slaap.
Zat er maar een knop in mijn hoofd om het brein op pauze te zetten. De gedachten op mute. Maar helaas, zo zen ben ik niet: mijn gedachten stil krijgen lukt maar eventjes.

Ik heb ontdekt wat helpt. Dit zijn twee manieren om je brein in toom te houden waardoor je ‘systeem’ kalmeert en je de slaap kunt vatten. De derde methode is om je kind te helpen goed in te slapen.

Methode 1:
Wat werkt, is om je gedachten te sturen. Niet naar wat er nog gaat komen, want dat is juist wat wakker houdt. Maar naar wat geweest is.
Je gaat denken hoe jouw begin van deze dag was vanaf het opstaan ’s ochtends. Stel het je zo precies mogelijk voor en beleef zo opnieuw hoe je opstond, naar de badkamer liep, je tanden poetste. Zie alle handelingen voor je. De plekken waar je achtereenvolgens was. Elke minuut haal je je voor de geest. Als dit niet kalmerend is!

Methode 2:
De tweede manier lijkt hierop, maar nu stel je je je ideale dag voor. Ook nu doe je dat heel zorgvuldig en sta je stil bij elke handeling. Wat doe je? Hoe ziet je omgeving eruit? Wie zijn er bij je? Hoe voel je je? Dit is heerlijk om je goed te laten voelen. Bovendien krijg je zo beter in de smiezen waar jij eigenlijk echt blij van wordt.

Als je kind moeite heeft om’s avonds in slaap te vallen, dan kun je zoiets samen doen voor het slapen gaan.

Methode 3 voor een kind:
Ga bij je kind op bed zitten of liggen, zorg dat je je zelf rustig en tevreden voelt, en zeg: “stel je voor -en alles kan want je kunt alles bedenken in je hoofd- het is een mooie dag. En jij mag zeggen wat je gaat doen. Wat wil je doen?” Wacht op het antwoord.
Vraag verder: met wie wil je dat?
Als je kind gaat sputteren dat iets toch niet kan, dan zeg je weer: in het echt misschien niet, maar in je hoofd kan alles. Je mag het helemaal zo bedenken als jij het het leukste vindt.
Zo help je je kind om een innerlijke voorstelling te bouwen.
Vraag naar waar het is, hoe het eruit ziet, wie er bij mogen zijn, wat er gegeten en gedronken wordt, welk speelgoed er is, zijn er dieren? Accepteer alle antwoorden, ook al vind jij ze misschien gek, onwaarschijnlijk, of zelfs pijnlijk. Pijnlijk? Ja, het kan pijnlijk zijn als je merkt dat jij er niet bij ‘mag’ zijn en jouw ex wel bijvoorbeeld. Stel nu en ook later geen vragen daarover. Dit is een innerlijke voorstelling waar je kind van mag dromen en genieten.
Als je merkt dat je kind helemaal ontspannen is en geniet, geef je een kus en zeg je welterusten.

De uitnodiging- een helpend verhaal

Photo credit: Tomi Tapio via Foter.com / CC BY-SA
Photo credit: Tomi Tapio via Foter.com / CC BY-SA

We hadden het over haar zoontje: de moeder en ik. We onderzochten samen hoe het kwam dat, laten we hem Johnny noemen, zo verlegen was. Hij paste zich altijd aan, zo klein als hij was, aan wat de anderen wilden. Zoals zijn grote broer en zus.

We gunden het hem om meer zijn eigen gang te gaan en zijn eigen behoeften te uiten. Hij was tenslotte nog maar 3 jaar.

In een uitgebreid gesprek met zijn moeder gingen we op zoek naar wat zijn onbewuste overtuiging over zichzelf zou kunnen zijn waardoor hij zich zelf zo wegcijferde. Er was niet iets gebeurd in zijn leventje, maar wacht eens.. de moeder vertelde over haar zwangerschap. Een arts had tegen haar na een test gezegd dat haar kind waarschijnlijk zwaar gehandicapt zou zijn. De precieze details laat ik nu buiten beschouwing. Het punt was dat de moeder daardoor het kind eigenlijk niet wilde.

Die test en/of die arts hadden het bij het verkeerde eind: het kind was gezond. Maar dit zou weleens de reden kunnen zijn dat Johnny zich zo bescheiden opstelde. Was hij wel gewenst?

 

Ik maakte voor hem een helpend verhaal. Het ging over een vriendengroepje dat uitgenodigd wordt voor het feestje van Puck. Maar de uitnodiging voor Flippie het konijntje, onze hoofdpersoon, raakte kwijt. Al zijn vriendjes werden dus uitgenodigd behalve hij. Wat een verdriet. Sip kroop Flippie weg. Zijn vrienden kwamen erachter dat hij wel degelijk welkom was op het feestje maar dat de uitnodiging was weggewaaid. Ze zochten Flippie overal om hem dat te vertellen, maar Flippie was goed verstopt. Uiteindelijk werd Flippie gevonden en Puck vertelde het konijntje dat hij wel zeker welkom was. Sterker nog: zonder Flippie zou het feestje helemaal niet zo leuk zijn! Flippie werd helemaal warm in zijn buik en ze hadden een geweldig feest.

 

Dit verhaal las de moeder voor aan Johnny. En Johnny leefde op. Hij speelde wat uitbundiger en was vrolijk. Nog steeds is Johnny een heel sociale jongen, vertelt zijn moeder. Hij is nu 13 jaar. Maar hij is zich bewust van zichzelf en durft zijn eigen koers te volgen.

Of het door het verhaal komt, is natuurlijk niet te zeggen. Maar het heeft hem wel goed gedaan.

 

Wil je meer lezen over wat een verhaal voor je kind kan betekenen? Ik werd ooit geinterviewd voor de J/M over de kracht van verhalen. Lees het artikel uit de J/M hier.

 

Wil je leren hoe jij zelf een helpend verhaal kunt schrijven voor je kind? Kom naar de workshop op vrijdag 15 januari van 10.30 tot 16.30 uur in Haarlem. Hier vind je meer informatie en kun je je inschrijven. 

Ik wil een pony van Sinterklaas! of: wensen en behoeften van kinderen

foto kids scherm
foto: Jim Bauer

Sint Maarten is geweest en nu is de Sint in het land.
Veel kinderen zijn ijverig verlanglijstjes aan het maken. Wat willen ze hebben?
Ze hopen misschien dat de Sint ze een Legodoos van StarWars geeft of een pony.

Om te bedenken wat je wilt hebben, gaan de poorten naar de hebzucht open. Want als alles kan (Sint heeft geld zat, toch?), dan kun je ook alles wensen. De reclames op tv worden goed bekeken (wat ziet het er allemaal mooi uit op tv!) en  speelgoedfolders worden zorgvuldig doorgeplozen.

Als ouder heb je de taak om een beetje te voldoen aan deze kinderwensen en het ook te beteugelen. Zonder je schuldig te voelen.

Hoe zit dat?
Er is een verschil tussen de wensen van je kind en zijn of haar behoeften. Het begrip ‘wensen’ gebruik ik voor wat ze willen krijgen, zoals: snoep, ijs, patat, luxe en duur speelgoed. Het is niet nodig, maar wel leuk. Het glimt, zeg maar. Denk maar aan een ekster.

‘Behoeften’ noem ik die zaken die nodig zijn voor een gezonde ontwikkeling. Denk aan: gezonde voeding, voldoende slaap, liefdevolle koestering, verzorging van het lichaam (hygiene, kleding, medische hulp), bescherming, respectvolle behandeling, gezien worden, aandacht krijgen.
Als deze behoeften niet voldoende worden vervuld, kan dat  schadelijk zijn voor de lichamelijke, psychische of mentale ontwikkeling.
Daarom doen ouders hun best om daar voor te zorgen.

En dat is best lastig, want ‘behoeften’ zijn niet de dingen die kinderen aan ons expliciet meedelen.
Ze vragen meestal niet om gezonde voeding. Ze vragen om snoep.
Ze vragen niet om voldoende nachtrust; ze willen laat op blijven.
Ze willen geen warme jas aan, ze willen zonder jas naar buiten.
Bescherming hebben ze niet nodig, zeggen ze. Ze kunnen heus wel naar de film voor 16+.

Er is dus vaak wrijving tussen wat kinderen zeggen dat ze willen (ik geloof ook wel dat ze het willen, hoor) en wat hun levensbehoeften zijn.
Het lijkt wel alsof je als ouders als je hun levensbehoeften serieus neemt, een hele strenge ouder bent. Want misschien mag je kind geen tv kijken en mag het geen suiker. Maar wel doe je regelmatig met aandacht een spelletje met je kind. En kies je met zorg de school, de voeding en de vakantiebestemming.

Waarschijnlijk kom je dan strenger over dan de ouder die wel tegemoet komt aan de wensen van de kinderen, maar die niet zoveel rekening houdt met de behoeften van het kind. Deze ouder geeft bijvoorbeeld wel snoep maar geen groente. Het kind mag naar alle films kijken, maar er wordt niet met het kind gepraat of gespeeld.

Soms moet je je als ‘bewuste ouder’ veel meer verantwoorden tegenover andere ouders dan als ‘ makkelijke ouder’. Want: je ontzegt je kind van alles. Wensen zijn veel zichtbaarder dan behoeften. Behoeften zijn veel belangrijker dan wensen. Dat maakt het lastig.
(Ik vroeg me even af toen ik ‘makkelijke ouder’ opschreef: ‘makkelijk’.. voor wie?)

Met dit in gedachten hoef je je niet schuldig te voelen als je een beetje aan de wensen van je kind tegemoet komt (want je mag je kind wel echt ‘zien’, ook in wat hij of zij heel graag wil) en ook regelmatig Nee zegt. En kun je de onvermijdelijke teleurstellingen van je kind als iets niet mag of kan verdragen, omdat je weet dat er belangrijker zaken zijn dan alles wat glimt.

Veel plezier met geven deze maand!