Eigen behoeften eerst, asociaal of juist niet?

Ik ben laatst door een lastige en leerzame periode gegaan, namelijk het (gaan) stoppen met een werkklus. Ik schreef er al eerder over.

Waar ik het nu over wil hebben, is wat ik hierdoor leerde over mezelf. Toen ik wist dat ik moest stoppen om mezelf gezond te houden, kreeg ik onmiddellijk een gespannen gevoel in mijn buik. Ik was meteen bezig met de mogelijke reactie van mijn opdrachtgevers. Ik wist dat ze het jammer vonden dat ik zou stoppen. Dagen (en helaas ook nachten-) lang voerde ik denkbeeldige dialogen waarin ik hun reacties en mijn overwegingen uiteen zette.

Ik merkte ook dat ik de situatie probeerde te bekijken vanuit hun standpunt, vanaf de eerste kennismaking tot nu:

Wat was vanaf het begin hun idee van de duurzaamheid van onze werkrelatie?

Waar hadden ze mij de verantwoordelijkheid voor willen geven en hoe had ik op hun suggesties gereageerd?

Hoe viel kortom bij hen mijn besluit?

Door me steeds in hun (denkbeeldige) standpunt te verdiepen, raakte ik het contact met mijn eigen overwegingen kwijt. Dan moest ik opnieuw naar mezelf terug om te voelen wat ik voelde. En naar de afspraken die we concreet hadden gemaakt.

Uit deze situatie leerde ik een aantal dingen over hoe ik in elkaar zit: Lees verder Eigen behoeften eerst, asociaal of juist niet?

Een sympathiek ras

We staan inmiddels op de wachtlijst voor een puppy, dus onze keuze is gemaakt. Maar een tijdje geleden heb ik me verdiept in de verschillende hondenrassen. Ik keek op internet en haalde wat hondenencyclopedieen bij de bieb. Het blijkt dat er verschillende soorten honden zijn: zoals jachthonden, herdershonden, waakhonden en gezelschapshonden. En binnen die soorten zijn er diverse rassen. En elk soort hond en elk ras heeft zo zijn eigen karakteristieken. Sommige soorten zijn rustig, andere actief. Sommige zijn langharig, andere glad. Etc.etc. Ik vertel hier niks nieuws.

Door de verschillende eigenschappen hebben de rassen verschillende behoeften, en daar moet je als (toekomstig) hondenbaas rekening mee houden.

Dat bracht me op een idee. Wat is het mooi dat je van tevoren op deze manier kunt inschatten of je hond veel buiten moet zijn, houdt van gezelschap, regelmatig moet eten en wekelijks geborsteld moet worden. Dan weet je dat. Die hond gedijt als je daar rekening mee houdt.

En nu mijn idee. Ook ieder mens is verschillend. De een moet veel buiten zijn, knapt op in de natuur. De ander kan prima zonder. De een vindt indrukken snel teveel en te vermoeiend, de ander zoekt de sensaties juist op om zich lekker te voelen. De een heeft weinig eten nodig, komt snel aan; de ander moet regelmatig kleine porties eten en dan het liefst verse groentes en noten, etc.

Als ik zo over mezelf denk, namelijk dat bepaalde eigenschappen en dus behoeftes horen bij hoe ik in elkaar zit, dan vind ik het makkelijker om deze te accepteren en goed voor mezelf te zorgen.

We zijn niet allemaal hetzelfde, voldoen niet aan de norm van de gemiddelde mens. Te vaak heb ik mezelf in een keurslijf gedwongen omdat ‘iedereen’ dat hoort te kunnen, dus ik ook. (“Stel je niet aan!”)

Een voorbeeld is de tijd waarop ik opsta. Lees verder Een sympathiek ras

Ik kom uit de kast

Hoe te leven? Dat is echt een vraag voor mij. Ik wil voorkómen dat ik mezelf uitput, op mijn tenen loop, moe ben en gespannen. Zoals dat heel vaak het geval was in mijn leven. Ik wil ontspannen blijven en vrolijk en energie hebben voor contact met de mensen van wie ik hou.

En daarnaast wil ik heel graag óók werken, op een manier die mij voldoening en waardering geeft en inkomsten. Ik wil mijn talenten gebruiken en tegelijk mijn grenzen bewaken. Ik wil denken en voelen en zijn. Daar een balans in vinden en dan niet meer hoeven te zoeken. Dan heb ik het gevonden. Wat zou dat heerlijk zijn.

Ik heb al lang geleden wat gelezen over hoogsensitiviteit en mensen zeiden ook weleens tegen me: jij bent zeker hooggevoelig?

“Ja, ik denk het wel” zei ik dan. En veegde het weer onder het kleed, realiseer ik me nu. Ik trok er geen conclusies uit. Het bleef bij een vaststelling. Want ik dacht dan: Ja, ik krijg veel indrukken binnen en die zijn vermoeiend voor me. En ja, ik heb een gevoelige neus (ruik scherp), en ja, ik heb last van etiketjes in mijn kleding. En snel last van tocht, van geluid, nou ja, van indrukken dus. Ook leef ik me automatisch in in anderen, en heb ik veel slaap nodig. That’s it. That’s me.

Wat ook vaak tegen mij is gezegd, bijvoorbeeld door therapeuten: “jij staat heel open.” Oké, en dus? Ik had het gevoel dat ik me dus moest beschermen, mezelf dichter maken ofzoiets. Het voelde kwetsbaar, en niet ideaal.

Alhoewel ik ergens wel weet dat het ook een kwaliteit is. Het opvangen van signalen en energie, en het me inleven in iemand, komt me heel goed van pas als ik werk als therapeut en coach. Maar wat er dan ook gebeurt, is dat ik het contact met mijn eigen behoeften en wensen verlies. Of er geen aandacht aan besteed (want het gaat bij coachen immers om die ander). Hierdoor put het me op den duur uit en voel ik mezelf niet gezien.

Van de week realiseerde ik me ineens: ik ben waarschijnlijk hoogsensitief! Lees verder Ik kom uit de kast