Wat ben jij gaan geloven over jezelf en de wereld?

Wat we geloven over onszelf is de bril waardoor we naar onszelf kijken. Het kleurt je waarneming. Geloof je dat je mooi, waardevol en geliefd bent, dan beïnvloedt dat hoe je je voelt en gedraagt. En dus hoe anderen op je reageren.

Philipp werkte graag. Hij vond het heerlijk om zijn energie en zijn ideeën in zijn werk te steken en genoot van het inkomen dat hem en zijn gezin zekerheid gaf. Jarenlang werkte hij 40 à 50 uur per week. Toen hij de middelbare leeftijd naderde, merkte hij dat zijn conditie minder werd. De huisarts raadde hem aan om te gaan sporten. Na enige weerstand kocht hij een mooie fiets en dure fietskleding en fietste hij zich tweemaal per week in het zweet. Toch wrong er wat bij Philipp. Hij wist niet wat het precies was, maar hij werd ’s nachts wakker en kon dan niet meer slapen. Hij genoot niet meer zo van zijn gezin. Hij voelde afstand tot zijn vrouw.

Sanne groeide op als oudste dochter. Toen zij 8 jaar was gingen haar ouders uit elkaar na jarenlange strijd en spanning.
Sanne was een meisje dat zich aanpaste en onzichtbaar maakte. Op school was ze een voorbeeldige leerlinge. Ze lette goed op, maakte haar huiswerk en was nooit vervelend. Na haar studie rechten kreeg zij al snel een goede functie in het bedrijfsleven. Omdat ze haar werk goed deed en makkelijk in de omgang was, was ze geliefd bij haar werkgever die haar snel liet opklimmen in het bedrijf.
Op een dag kwam Sanne niet op haar werk. En ook de volgende weken en maanden bleef ze thuis. De huisarts constateerde een burn-out.

Bij Jolien was het altijd gezellig. Ze bood haar man en kinderen een gastvrij thuis. Iedereen was altijd welkom en ze genoot van het zorgen en van de reuring. Vriendjes, vriendinnetjes, een nichtje dat bleef logeren, een oppashond, voor Jolien was niets te veel. Toen de kinderen het huis uit gingen en haar man steeds vaker van huis was voor zijn werk, kreeg zij last van depressieve klachten. Aanvankelijk weet zij het aan de overgang, maar de klachten bleven. Ze zei tegen zichzelf dat ze zich niet zo moest aanstellen. Maar ook dat hielp niet.

Sanne, Jolien en Philipp staan op een bepaalde manier in het leven. Ze hebben een strategie ontwikkeld, die waarschijnlijk al in hun kindertijd is ontstaan. De manier waarop iemand leeft, heeft alles te maken met de overtuigingen die je hebt over jezelf en over de wereld.
Bij Philipp passen overtuigingen als:
ik moet hard werken om een goede echtgenoot en vader te zijn
ik leef om te werken

Bij Sanne zouden overtuigingen kunnen zijn:
Ik moet mijn best doen
ik mag niet tot last zijn
ik mag geen fouten maken
mijn behoeften doen er niet toe

Jolien zou als onbewuste overtuigingen kunnen hebben:
als ik voor anderen zorg, ben ik waardevol
ik mag geen Nee zeggen
wat ik zelf nodig heb, is niet belangrijk
ik moet altijd sterk zijn

Dit soort overtuigingen beïnvloeden je gezondheid, je relaties, je eigenwaarde en je werkprestaties. Overtuigingen hebben we allemaal. Ze vormen de basis van je acties en je reacties. Sommige overtuigingen zijn heel behulpzaam. Maar anderen, zoals in de voorbeelden hierboven, belemmeren je om vrij, ontspannen en vol zelfvertrouwen te werken en te leven.

Hoe zou hun leven veranderen als ze zouden geloven dat ze hun eigen behoeften mogen uiten, dat ze hulp mogen vragen, dat ze mogen genieten en luieren zonder schuldgevoel?

Je zou overtuigingen kunnen zien als de software van onze geest. Het is het fundament van waaruit je leeft.

Hoe ziet jouw leven eruit? Wat geloof jij diep van binnen over jezelf? Voel je je waardevol en geliefd? Mag je genieten en luieren?
En wat ben je gaan geloven over de wereld? Ben je vol vertrouwen en ervaar je hulp? Ervaar je overvloed en mag jij die ontvangen?

Tussen verwennen en verwaarlozen

Wat is jouw opvoedstijl? Wat voor soort ouder ben jij? Heb je daar een idee van? En klopt dat met hoe je het zou willen doen? Of weet je dat eigenlijk niet zo goed en vraag je je juist af hoe het ‘het beste’ zou zijn?
Geef je vaak toe aan wat je kinderen willen? Of zie je jezelf als streng en consequent? Ben je bang om je kind teveel te verwennen of huiver jij juist als je alleen al denkt aan het woord verwaarlozing?

En hoe denkt je (opvoed-) partner erover? Zijn jullie het eens?

Veel ouders worstelen met vragen hierover en de bijbehorende emoties. Gevoelens van schaamte (ben ik de enige die hier wanhopig van wordt?);
van schuld (nu ben ik toch weer uit mijn slof geschoten, wat erg!);
onzekerheid (hoe doen anderen dit eigenlijk?).
Opvoeden gaat gepaard met emoties en met (onbewuste) verwachtingen. Daardoor is het beladen en lastig.
En ieder kind is anders dus standaardrecepten werken niet altijd. En soms lijkt iedereen het beter te weten dan jij, hoe irritant is dat.

Wat kan helpen, zijn de volgende uitgangspunten:

  • perfect ouderschap bestaat niet. Goed Genoeg ouderschap wel. Laat je lat zakken. Ontspan.
  • ouders zijn ook mensen. Hoe jij bent, met al je kwaliteiten en onmogelijkheden PLUS hoe jij daarmee omgaat, dat geeft je kind een voorbeeld.
  • er is verschil tussen behoeften en wensen van je kind.
    • Behoeften zijn die dingen die noodzakelijk zijn voor je kind, zoals slaap, voeding, kleding, aandacht, liefde, onderwijs, spelen. Zorg voor voldoende hiervan (niet teveel of te weinig) van een goede kwaliteit. Dit is geen verwennen- dit is goed verzorgen. Geef je hier te weinig van, dan spreken we van verwaarlozing.
    • Wensen zijn extra’s, zoals snoepen, tv, computerspelletjes, of meer dan voldoende van bovenstaande behoeften zoals speelgoed, aandacht. Hier kun je je kind in verwennen. Geef hierbij grenzen aan en bewaak ze. Vind je dat lastig, leer het. (Tip: lees how2talk2kids deel 1, of kom naar een opvoedworkshop van mij of maak een afspraak met me).
  • Regels en gewoontes bieden houvast. Houvast geeft je kind veiligheid. Dat is heel belangrijk.
  • Goede ouders zijn niet altijd lief en aardig, soms zijn ze streng en duidelijk. Dat hoort bij ouderschap. Zorg dus dat je er tegen kunt als je kind soms boos op je is.
  • Het mooiste cadeau dat je je kind kunt geven is dat hij/zij zich gezien en gewaardeerd voelt, gewoon zoals hij/zij is. Dit gaat prima samen met regels stellen en bewaken. Doe dat dus (je kind zien en waarderen). Als je niet weet hoe: leer hoe je dat kunt doen. (tip: lees Actief Luisteren van dr. Thomas Gordon, of kom naar een opvoedworkshop van mij of maak een afspraak met me).
  • liefde, humor en flexibiliteit zijn heerlijk voor kinderen, net als duidelijkheid en houvast. Dat kun jij bieden! Tuurlijk kun je dat.

Stap uit de dramadriehoek

Ik was een kei in me schuldig voelen. Steeds was ik bang om tekort te schieten. Daarom zorgde ik ervoor dat er niets op me aan te merken was. Je zou me een perfectionist kunnen noemen. Een andere term voor perfectionist binnen het enneagram (waar de perfectionist een bepaald type is) is de hervormer. Die spreekt me meer aan, want perfect was het nooit. Hervormen? Ja, dat kan altijd wel! Er kan altijd iets beter. Mijn leven was een ‘to do list’. 😉

En zo deed ik mijn best om een goede moeder te zijn, een leuke echtgenote, een goede student, een vakbekwame professional met alleen maar blije en tevreden cliënten. Dat is een hele klus, kan ik je zeggen, en het is bovendien een gebed zonder end. Want er is altijd wel iets dat beter kan, sneller, mooier, verantwoorder. En natuurlijk kan ik het niet iedereen naar de zin maken.

Terugkijkend zie ik het patroon dat ik deed: vaak was ik in gedachten aan het scannen of er iets was in mijn leven dat ‘beter’ kon. In mijn geweldige leven waarin er van alles goed was, waar ik ook echt wel dankbaarheid voor voelde en ik me gelukkig prees, zocht ik naar dat kleine dingetje waar ik mijn tanden in kon zetten. Een projectje ofzo….. hoe zou het huis, de woonkamer, de tuin nog leuker, handiger, fijner kunnen? Of mijn kleding? Daar is nog wel wat aan te vullen/ fine te tunen. Of mijn werk, kan daar niet iets nieuws, beters komen?

Je begrijpt dat ik ook erg slecht tegen kritiek kon. Die probeerde ik namelijk te vermijden door zo mijn best te doen.

Tegelijk was ik zeer veeleisend, niet alleen naar mezelf, maar ook naar mijn partner. Hoezo op de bank zitten met de krant? Er moest nog van alles gebeuren voordat er geluierd kan worden! Ik maakte daar opmerkingen over, die tot doel hadden het gevoel van tekort schieten bij hem op te wekken. (Heel genant, ja. En gelukkig is mijn partner daar immuun voor. Maar fijn was het niet.)
Ik realiseerde me dat het me zo ergerde omdat ik zelf die behoefte had: ik zou ook wel willen luieren!!!

“Waarom doe ik dat dan niet?” dacht ik op een goede dag. Zo begon de verandering. Steeds als ik me ergerde, vroeg ik me af: wat zou ik zelf eigenlijk het allerliefste doen nu? En daarna: is er een dringende reden waarom dat niet kan?

Zo ben ik ook gestopt met de dramadriehoek. De dramadriehoek is die van rollen die elkaar in stand houden en vaak snel afwisselen:

de aanklager en het slachtoffer: de aanklager verwijt, het slachtoffer voelt zich schuldig

het slachtoffer en de helper/redder: het slachtoffer klaagt, de redder gaat het in orde maken.

dramadriehoekDe dramadriehoek kun je zien als een soort dans: zet de een die stap, dan zet de ander (vaak onbewust) de andere stap. Je houdt elkaar zo in een patroon. De dramadriehoek is geen fijn patroon, omdat de verantwoordelijkheid naar elkaar toe wordt geschoven (de aanklager en het slachtoffer) of (ongevraagd) wordt overgenomen (de redder).

Het is vaak makkelijker dit patroon bij andere mensen te zien dan bij jezelf. Kun je dit patroon herkennen in het gezin waar jij opgegroeid bent?

Je kunt dit met wat oefening ook herkennen in je gezin en bij jezelf. Je kunt iemand die je vertrouwt vragen je te helpen je eigen gedrag te gaan herkennen.
Helpende vragen zijn: waar leg jij de verantwoordelijkheid voor een situatie neer? En wie is er verantwoordelijk voor hoe jij je voelt?

gezonde-driehoekAls je je eigen gedrag kunt veranderen in een ‘gezondere’ oftewel ‘volwassen’ bijdrage aan het geheel, beïnvloed je meteen het gedrag van de anderen.Door je eigen gedrag te veranderen, neem je de verantwoordelijkheid voor jezelf, en geef je de ander ruimte.

Voor de ouders onder ons:
Als volwassene in een gezin heb jij de taak veranderingen in gang te zetten. Je kunt niet van kinderen (zelfs als ze puber zijn) verwachten dat zij ‘uit dit patroon’ stappen. Dat kun jij wel. En zij zullen daar dan op een gezondere manier op reageren.

Een mooie manier voor jezelf en je kinderen om je aandacht te sturen naar positieve zaken, is ’s avonds voor het slapen gaan de dingen van de dag te noemen (of op te schrijven) die leuk waren. Je vraagt je kind: Wat vond je het leukste vandaag?

Voor mij, als hervormer ;-), is de kunst om mijn eigen behoeften serieus te nemen en daar verantwoordelijkheid voor te nemen. Ik zorg voor mijn eigen geluk. Althans: dat lukt me een groot deel van de tijd.
En ik kan het je aanraden: heerlijk luieren als ik daar zin in heb, zonder schuldgevoel, en met plezier werken en zorgen. Niet omdat ik dat ‘moet’, maar omdat ik er voor kies en daar dus verantwoordelijkheid voor neem.

“En nou ben ik het ZAT!”

huisregelsJe komt ’s middags thuis en treft in de huiskamer je kind met wat vrienden. En niet alleen tref je de luie lijven aan, maar je oog valt ook direct op jassen, tassen, sjaals, schoenen. Her en der verspreid over de vloer. Wat doe je?

 

Je peuter heeft net ontdekt hoe leuk het is om steeds uit bed te klimmen en Kiekeboe te roepen om het hoekje van de kamerdeur. Wat doe je?

Lees verder “En nou ben ik het ZAT!”

Waarom kinderen ook ‘Nee!’ moeten horen

waarom kinderen ook _NEE!_ moeten horenHet klinkt misschien gek, maar NEE horen, grenzen krijgen, is belangrijk voor je kinderen. Zo leren ze omgaan met het feit dat:

  • je niet altijd alles krijgt
  • je niet altijd alles mag
  • je je behoeften soms moet uitstellen
  • andere mensen en kinderen soms botsende wensen hebben
  • je het ‘overleeft’ als je NEE hoort.

 

Het leren omgaan met NEE is voor het ene kind makkelijker dan voor het andere. Jantje haalt misschien zijn schouders op en gaat verder met spelen, terwijl Juliette boos wordt, dan verdrietig, vervolgens haar uiterste best doet haar ouders te overreden, voordat ze het (als haar ouders inmiddels niet hebben toegegeven!) los kan laten.

Jantje zal er waarschijnlijk minder last van hebben als dingen niet helemaal gaan zoals hij wil. Terwijl Juliette daar flink door van slag is.

Door grenzen aan te geven aan je kind, leert hij/zij met deze frustratie om te gaan. En dat is een belangrijke vaardigheid. Later zal ook niet alles gaan zoals we het het liefste willen. De mate waarop wij met tegenslag en frustratie kunnen ‘dealen’ , kan een voorwaarde zijn voor geluk.

Dus ouders, voel je niet schuldig als je kind iets niet mag. En houdt voet bij stuk. Je levert een bijdrage aan zijn/haar toekomstig geluk.

 

Kun je wat ondersteuning daarin gebruiken? Ik geef een workshop over grenzen stellen op vrijdag 29 januari in Haarlem. Kijk hier voor meer informatie.

Wat zijn eigenlijk je huisregels?

niet luisterenOuders klagen weleens dat hun kind niet naar ze luistert. Haha, jazeker, dat komt voor. Heel vaak zelfs.

Ik vind niet dat kinderen slaafs en volgzaam moeten zijn. Als dat zo zou zijn, zou ik me zorgen maken. Een beetje tegen sputteren en een eigen wil hebben, dat hoort erbij. In de ene fase (denk aan peutertijd, pubertijd) is dat meer dan in een andere fase.

Maar als je elke dag te maken hebt met een kind waar alles wat jij zegt het ene oor in en het andere uit gaat, en dan ga ik ervan uit dat beide oren prima werken, dan gaat het niet goed. Je wordt er als ouder gek van. Je geduld raakt op, je wordt geïrriteerd, boos, ongeduldig. Logisch. Voor een kind is dat ook niet prettig. Het doet jullie relatie geen goed.

 

Er zijn veel redenen waarom een kind niet luistert en veel manieren om dat te verbeteren.

Eén van die manieren is het maken van huisregels. Het is niet zo dat als je deze hebt gemaakt, dat dan alles is opgelost. Maar het is wel heel belangrijk om huisregels te hebben. Het is een BASIS. Het geeft jouw grenzen aan. Als deze duidelijk zijn, geeft dat rust en houvast. Kinderen weten dan waar ze aan toe zijn. En jij weet ook wat je wel accepteert en wat je niet goed vindt.

 

Huisregels zijn richtlijnen voor gedrag in jullie huis en jullie gezin. Ze kunnen gaan over basiszaken als:

omgaan met elkaar

eten

slapen

ruzies oplossen

taken in huis

Je bepaalt ze zelf. Zoals ze bij jullie situatie en persoonlijkheden passen, je mag het helmaal zelf weten.

Door het maken van huisregels, neem je de tijd om dat voor jouw gezin te bedenken. Doe dat samen met je partner en als ze oud genoeg zijn, kun je ook je kinderen erbij betrekken.

 

Hoe maak je je huisregels?

  1. bepaal een algemeen doel. Bijvoorbeeld: wij willen dat het gezellig is in huis. Of: Wij willen dat iedereen het naar zijn/haar zin heeft bij ons thuis. Om dat doel te bereiken, hebben we deze huisregels.
  2. Formuleer vooral wat je WEL wilt.
  3. Stel ze zoveel mogelijk zo op dat ze voor iedereen gelden.

bijv. We zijn vriendelijk tegen elkaar.

Ieder doet zijn of haar taken.

Ieder ruimt na het spelen of werken zelf zijn/haar spullen op.

4. Bespreek ze, zodat iedereen ze snapt en erachter staat. Pas ze eventueel nog aan, gebruik woorden die de kinderen beter vinden passen.

5. Schrijf ze op of print ze uit en hang ze op een centrale plaats op.

Huisregels geven duidelijkheid en daardoor rust en houvast. Dat is heel prettig voor kinderen, en ook voor ouders.

 

Als je meer wil weten over hoe je ervoor kunt zorgen dat je kind beter luistert, hoe je precies huisregels opstelt én ze vervolgens handhaaft, kom dan naar mijn workshop ‘grenzen stellen’ op vrijdag 29 januari. Lees hier over de workshop.

Hoera, ik ben een ‘multi-potentialite’

tulpen kleur

Ik kreeg laatst een mailtje met deze strekking : “ik las dit en moest aan jou denken. Misschien is het niks voor je, delete het dan gerust: http://martavansitteren.nl/wat-als-je-niet-kunt-kiezen/“. Nieuwsgierig klikte ik het aan, want degene die mij het mailtje stuurde, kent mij behoorlijk goed.
Marta van Sitteren schrijft in het artikel over het boek van Barbara Sher “Refuse to Choose”. Gretig las ik door. Sher schrijft namelijk over mensen die moeite hebben zich lang met één ding bezig te houden, vaak verschillende dingen naast elkaar doen en veel ideeën hebben.  Ja, dit gaat over mij. Zowel de kwaliteiten als de valkuilen en onzekerheden herken ik.

Laat ik beginnen met de twijfels en onzekerheden, die ik zeker de laatste jaren heb (want niet-werkend en vaak moe):

  • ik kan niet kiezen voor één vak/werk, wat wel moet tegenwoordig- zie alle artikelen over ‘word een expert’, ‘vind je passie’, “de droombaan voor jou”,’focus, focus, focus!’
  • Ik kan dat niet denk ik dan omdat ik waarschijnlijk bang ben voor teveel verantwoordelijkheid ofzo. Ik ben dus eigenlijk een soort loser.
  • mmmmm… allerlei overtuigingen halen me verder naar beneden, zoals: grow up! kiezen hoort erbij! Werken is nou eenmaal niet altijd leuk. Dat je snel verveel bent, is een luxe-probleem. etcetc.

Na het lezen van dit artikel en het bekijken van de TED-talk van Emilie Wapnick en haar blogartikelen word ik me weer bewust van mijn kwaliteiten, namelijk:

  • snel enthousiast over veel dingen. (maar zeker niet over ‘alles’)
  • makkelijk nieuwe dingen leren
  • veel ideeën en inspiratie
  • te weinig tijd om alles te doen 😉
  • graag dingen met elkaar verbinden
  • makkelijk aanpassen aan verschillende mensen, situaties, settings

Valkuilen zijn:

  • snel verveeld
  • onzekerheid: denken dat ik te weinig ervaring of kennis heb op dat specialistische gebied
  • tijd tekort
  • alles tegelijk willen doen en dan instorten (!)

Door het lezen over de ‘multi-potentialite’ zoals Emilie Wapnick van Puttylike.com ons noemt, voel ik me ineens niet meer onzeker. Ik realiseer me dat ik zo ben: een multi-talent. Of een Renaissance-mens. Alleen klinken deze termen meteen zo verwaand. Misschien moet ik een leuk Nederlands woord ervoor bedenken.

Dus daarom vond ik de trendwatch-cursus die ik een paar jaar geleden volgde zo geweldig, en dan vooral de maatschappelijke trends en ontwikkelingen. En daarom hou ik zo van overleggen en brainstormen. En van mindmappen, analytisch en creatief tegelijk.

Dus: met enige trots presenteer ik mezelf als fotograferende, coachende schrijver. Of: schrijvende, meedenkende inspirator. Of misschien: fotograaf met verstand van opvoeden. Of: Hoogsensitieve businesscoach…

Hmmm…dat wordt mijn volgende project: een juiste benaming bedenken; het vinden van de rode draad of het overkoepelende thema. Suggesties zijn natuurlijk welkom. 😉

Hoe ik steeds in een cirkel ronddraai

behoefte-aan-focus-cirkelIk word me steeds meer bewust van een terugkerend patroon. Het begint met dat ik vind dat ik me moet focussen op één vak/beroep. Eén activiteit dat mijn ‘werk’ zou moeten zijn, met duidelijke taakomschrijving. Ik heb behoefte aan die focus. Dat geeft me houvast. Denk ik dan. Want als ik echt iets kies, dan ga ik sputteren. Het voelt dan te beperkt. Maar goed, dat is een ander verhaal.

Lees verder Hoe ik steeds in een cirkel ronddraai